Opleidingen

De weg van mijn opleidingen leidt langs een middelbare school in Rosmalen en een universiteit in Utrecht. Meer informatie over mijn opleidingsloopbaan is hieronder te lezen.

 

Middelbare School

Van september 1989 tot en met juni 1995 heeft mijn leven zich voornamelijk afgespeeld op het Rodenborch College in Rosmalen. Deze nieuwe middelbare school lag op een paar minuten fietsen van mijn ouderlijk huis. Wat een luxe, want bij een tussenuur kon ik lekker even naar huis. Wel zo prettig. Via een gecombineerde HAVO/VWO brugklas kwam ik op het VWO terecht. Het Rodenborch College bood VWO leerlingen de mogelijkheid om een extra vak te volgen: Latijn. Dat ben ik vanaf de 2e klas ook gaan doen, met heel veel plezier overigens. Ik ben het vak alle jaren blijven volgen en heb er zelfs eindexamen in gedaan.

 

In 4 VWO volgde voor iedere leerling en dus ook voor mij het keuzemoment. In welke vakken doe ik eindexamen? Ik heb hierbij voor het volgende vakkenpakket gekozen: Nederlands, Engels, Natuurkunde, Wiskunde A, Economie 1, Economie 2, Aardrijkskunde en Latijn. Ik wilde niet de exacte kant op en begon langzaam het idee te krijgen dat ik wat betreft mijn vervolgopleiding mijn vader achterna wilde gaan.

 

In 1995 kwam het examenjaar. Ik heb in alle acht vakken eindexamen gedaan en heb ook keurig in één keer mijn examen gehaald. Na mijn examen stond een geweldige vakantie naar de Verenigde Staten gepland. En daarna? Daarna was het tijd voor de studie!

 

Universitaire studie

De voorkeur voor de te volgen studierichting openbaarde zich zoals gezegd aan het einde van mijn middelbare schooltijd. En inderdaad, ik ben dezelfde richting opgegaan als mijn vader. Ik ben kortom Sociologie gaan studeren, aan de Universiteit Utrecht.

 

Een prima studie. Interessant, een focus op de maatschappij en een wijze van de mens bekijken die mij aansprak: vanuit de groep en niet vanuit het individu. Centrale vraag binnen de studie Sociologie is altijd: welke invloed heeft een groep op het handelen, denken en functioneren van een bepaald indvidu? Deze vraag is op bijna alle groepen toe te passen. Of het nu gaat om de invloed van ouders op kinderen, de invloed van collega's op een werknemer of de invloed van het Oranjegevoel bij grote sportevenementen op ons Nederlanders. In alles zit Sociologie.

 

Ik ben in 1995 begonnen aan mijn studie en dit liep de eerste jaren gesmeerd. Tentamens werden vlot gehaald en ik bleef keurig nominaal lopen. Na drie jaar studie stond ik voor de eindsprint in de vorm van enkele vakken en een afstudeerscriptie. En daar haperde de motor. Ik was 21 en kreeg angst. Angst voor de toekomst, angst voor de arbeidsmarkt. Ik wilde kortom nog niet afstuderen, vooral omdat ik het gevoel had nog niet klaar te zijn voor de volgende stap. De studie verdween in de koelkast.

 

Tussen 1999 en 2002 heb ik amper een studieboek aangeraakt en heb ik genoten van andere dingen. Zelf hockeyen en training geven aan de eerstelijns jeugd bij MHC Rosmalen bijvoorbeeld. Of de kroeg in met vrienden. Via baantjes bij de gemeente 's-Hertogenbosch en toentertijd TPG Post ontving ik mijn inkomsten. De studie raakte bijna in de vergetelheid.

 

Uitstel leidde bijna tot afstel. Ik kwam er gelukkig net op tijd achter dat zonder afgeronde studie de kansen op een baan gering waren. In de loop van 2002 ben ik de draad langzaam weer gaan oppakken. Ik heb mijn laatste tentamens gehaald en ben in 2003 begonnen met mijn afstudeerscriptie. In die scriptie zou, hoe kan het ook anders, de sport centraal staan. Ik heb onderzocht of er sprake was van individualisering in de sport en wat de consequenties hiervan zijn op de georganiseerde sport, oftewel het sporten bij sportverenigingen. Begin 2004 heb ik mijn scriptie ingeleverd bij mijn begeleider. Ik had mijn studie succesvol afgesloten. En daar ben ik nog altijd trots op!