Het gevaar ligt op de loer

20-06-2013 10:30

Wanneer je op een gegeven moment werkloos wordt, dan denk je maar één ding: ik heb zo weer een nieuwe baan. Ik heb ervaring, er zijn best vacatures te vinden en als ik goed genoeg mijn best doe dan valt het kwartje heus wel op korte termijn. Bovendien: wie wil mij nu niet in dienst nemen? Maar al snel zit je een maand zonder werk, daarna twee, vervolgens drie. En voor je het weet doemt daar het moment op dat de periode van werkloosheid maar liefst zes maanden duurt. Bovenstaande is de exacte weergave van de situatie waarin ik verkeer. Het is nu 20 juni. Over 11 dagen staat de werkloosheidsteller op zes maanden. Een half jaar zonder werk, ik had het vooraf nooit gedacht.

Het is echter wel zo. Leuker kan ik het ook niet maken. En gemakkelijker wordt het er ook allemaal niet op. Daarover heb ik al voldoende bericht de afgelopen tijd. Maar ik vind het bereiken van deze zes maanden wel een mijlpaal. Een beetje een negatieve bovendien. Ik weet nog dat iemand bij het UWV tijdens een introductiebijeenkomst voor werkzoekenden in januari zei dat na zes maanden meer mag worden verwacht van de werkzoekende. Hoe dan? Nou, vooral door ook op vacatures te reageren waarbij het bedrijf zich wat verder uit de directe omgevong bevond. Er dient na een half jaar ook gereageerd te worden op functies waarvoor een uur enkele reistijd of meer geldt.

Wat een geluk voor mij, want ik kom zelden vacatures tegen waarbij ik gezegend zou zijn met een enkele reistijd van minder dan een uur. Aanstaande maandag is zo'n dag waarop hier gelukkig geen sprake van is. Het bedrijf is gevestigd in Den Bosch en dat is vanuit Nijmegen prima te doen. Twee dagen geleden echter ben ik voor een gesprek naar Amsterdam gereisd met de trein. Van deur tot deur is dat toch al gauw anderhalf uur. Vind ik dat een probleem? In het geheel niet. Anders zou ik ook niet op die vacature gereageerd hebben. En met een vriendin die ruim twee jaar vanuit Nijmegen op en neer is gereisd naar Den Haag is anderhalf uur echt peanuts. Nee, aan deze voorwaarde van het UWV voldoe ik al sinds ik mijn zoektocht naar een baan begon. Geen gevaar dus.

Er is een ander gevaar dat op de loer ligt. Het gevaar om de teugels te laten vieren. Om niet meer volledig gefocussed te zijn op die nieuwe baan. Om taken die je de afgelopen maanden wel hebt uitgevoerd niet meer te doen. Ik moet eerlijk bekennen dat dit gevaar bij mij soms de kop op begint te steken. Zo was vorige week er eentje waarin ik te weinig tijd heb gestoken in mijn banenjacht. Ik ben met andere dingen bezig geweest. Hardlopen, trainen voor de Vierdaagse, relaxen in de tuin, een goed boek lezen. Alles behalve activiteiten die met werk zoeken te maken hebben. De verslapping trad op. Onvermijdelijk wellicht, maar daarom niet minder kwalijk.

Gelukkig is de redding dan altijd nabij. In dit geval woon ik al heel wat jaren samen met die redding. Afgelopen maandag kwam het ter sprake tijdens de avondmaaltijd. Kennelijk was ik niet de enige die in de gaten had dat de concentratie wat minder werd en dat de aandacht elders kwam te liggen. Mijn lieve schat viel het ook op. Wat is het dan heerlijk om er samen over te kunnen praten, hoe confronterend ik dat ook vind. Zonder in heftige discussies of zelfs ruzie te vervallen, zijn wel wat zaken duidelijk geworden. En ik heb weer een hele bak aan energie gekregen om de jacht te vervolgen. Zowel via reeds toegepaste manieren als een aantal nieuwe te bewandelen paden. Alles voor dat ene 'heilige' doel: een baan!

 

—————

Terug